🚲 Fiets-kruiswoordpuzzel. Na een kruising het daaopvolgede hokje aanklikken!

1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18

Horizontaal

2. De spanning of druk waarmee een fietsband wordt opgepompt.
6. Beschermende strip in de velg tussen spaaknippels en binnenband.
7. Dunne metalen stang die de naaf met de velg verbindt.
9. Onderdeel waaraan het stuur wordt bevestigd.
15. Lager waarin veel kleine metalen kogels de wrijving verminderen.
16. Remmechanisme dat de remblokken naar de velg of schijf brengt.
17. Vrijloopmechanisme in de achternaaf waarmee je kunt uitrollen.
18. Voorste vorkgedeelte dat het voorwiel draagt.

Verticaal

1. Rond onderdeel met velg en band waardoor de fiets over de weg rolt.
3. Reeks metalen schakels die de trapkracht naar het achterwiel overbrengt.
4. Middenstuk van een wiel waarin de as en lagers zitten.
5. Fietsdrinkfles die in een bidonhouder past.
7. Bescherming boven het wiel tegen opspattend water en modder.
8. Traparm waarmee de kracht van het pedaal naar de trapas gaat.
10. As waarop de cranks draaien.
11. Onderdeel waarop de fietser zit.
12. Dragend hoofdonderdeel waaraan veel fietscomponenten zijn bevestigd.
13. Achterste schakelmechanisme dat de ketting over de tandwielen verplaatst.
14. Voorste deel van het frame waarin de voorvork draait.