Redactielid stelt zich voor…
Nadat de Tuub zoals gewoonlijk alweer een dikke week op tafel had geslingerd, keek ik op een luie zondagochtend ook nog eens naar de binnenkant van dit trouwbezorgde blad.
Dringend redactieleden gezocht, nou ja, het werd wel weer tijd om eens een nuttige bijdrage aan onze maatschappij te leveren. En waarom niet iets doen wat leuk is, en over een onderwerp dat me na aan het hart ligt.
Die wanhoopskreet van de Tuub kwam dus op het goede moment.
Hopelijk kan ik op deze manier mijn plezier in het fietsen delen, en wie weet mensen enthousiast maken. Fietsen is gewoon lekker; je bent buiten, je komt nog eens iemand tegen, je beweegt, en dat allemaal precies in je eigen tempo, wie doet je wat.
Fietsen doe je voor je plezier, niet voor je gezondheid of het milieu, dan houd je er na de eerste winderige dag mee op.
Mijn echte liefde ligt bij de vogels. U kent die types wel, met verrekijkers in de weer (klopt), meestal een beetje grijs (klopt), een beetje recht in de (milieu)leer (klopt vrees ik ook)
Ik trek er het liefst op de fiets op uit; lopend kom je niet zo ver, en in de auto hoor je niks. Het fijne van fietsen is dat je het op de automatische piloot kunt doen, je kunt dus om je heen kijken, luisteren en aandacht hebben voor het moois dat voorbijvliegt.
Dus niet gewapend met mobiel en GPS van noord naar zuid door het land om de laatst waargenomen exoot aan het lijstje te kunnen toevoegen. Liever een rondje Mastbos of Bleeke Heide en me laten verrassen door wat er te zien is.
De laatste jaren stapten we regelmatig nog voor het licht werd op onze fiets om broedvogels in de stad te inventariseren; je doet dat namelijk met je oren; wie zingt is een mannetje en hij doet dat omdat ie daar een nestje wil bouwen. Toch werden we wel eens vreemd bekeken als we met een verrekijker en een klembordje naar iemands dak stonden te turen.
Ik ben nieuwsgierig naar andere bijzondere fietsers; wie is bijvoorbeeld die man die altijd in zijn onderbroek door de polder fietst? Waarom? Waarheen?
Of waarom laat die man bij mij in de buurt zijn hondje uit op een te klein vouwfietsje? Heeft ie geen gewone fiets? en waarom loopt ie niet?
En hoe doet die mevrouw van 94 jaar dat: elke dag nog een rondje langs de Mark fietsen. Zij is mijn grote voorbeeld, ik wil dat ook, later, als ik oud ben.
Ik ga op zoek, u hoort er van.
Wilma Rasink
Asociaal
Misschien ken je het spotje van “Sire” waarin gewezen wordt op ons asociale gedrag. Denk bijvoorbeeld eens aan die man die wil afrekenen bij de counter, maar het telefoongesprek dat hij voert via zijn mobiele telefoon, niet wil onderbreken. Het gesprek wordt hooguit onderbroken op het moment dat de mevrouw achter de kassa niet helemaal begrijpt wat hij wil.
Misschien is bovenstaande situatieschets ook wel van toepassing op ons als verkeersdeelnemer. Want ik denk dat we het met elkaar eens zijn dat het verkeer steeds asocialer wordt. Ook de Fietsersbond is een actie gestart om ons op het asociale gedrag te wijzen.
Enige tijd geleden besteedde RTL-ontbijtnieuws aandacht aan de campagne van de Fietsersbond. Er was een mogelijkheid om je mening te geven over deze actie op de Hyvespagina van RTL-ontbijtnieuws. De stelling luidde: de actie van de Fietsersbond maakt de weggebruiker socialer. Helaas is er weinig vertrouwen onder diegene de moeite hebben genomen om hun stem uit te brengen. Bijna 40% heeft er vertrouwen in tegen meer dan 60% die geen vertrouwen heeft in de resultaten van de campagne van de Fietsersbond.
En ik begrijp dat pessimisme wel. Op het moment dat je op de fiets stapt, is er wel een aantal zaken waarop je voorbereid moet zijn. Zo is het compleet onduidelijk aan welke kant van de weg gefietst moet worden. Als er een camera boven een willekeurige straat in Breda (of omgeving) gehangen zou worden en je zou je concentreren op het fietsgedrag op die weg, dan zie je meer fietsers tegen het verkeer in gaan dan met het verkeer mee. Sowieso is de plaats van de fietser op de weg erg onduidelijk, want ook voetpaden worden door de gemiddelde fietser tot hun domein gerekend. Soms hoor je dan zeggen: “het is de jeugd…”, maar dat waag ik te bestrijden. Het asociale gedrag in het verkeer – ik concentreer me hier op de fietser – is niet voorbehouden aan een bepaalde leeftijdsgroep. Sterker nog: soms zie ik mensen het foute voorbeeld geven. Hoe vaak ik ouders met kinderen – met fietsende kroost of zittende kroost achterop – nog snel even het rode licht zie passeren, tegen het verkeer in zie fietsen, over het voetpad zie fietsen, enzovoorts, is niet voor te stellen. We geven onze kinderen dus al het verkeerde voorbeeld. Er is een gezegde “jong geleerd is oud gedaan”. Deze clichématige gezegdes zijn ooit ontstaan, omdat ze een
waarheid bevatten. Als wij onze kinderen het foute voorbeeld geven, zullen zij dat later ook fout ‘nadoen’. Je kunt het ze niet eens kwalijk nemen. In dat opzicht begrijp ik het pessimisme van de ‘nee-stemmers’: slecht voorbeeld doet volgen…
Onlangs werd ik als fietser aan de goede kant van de weg zelfs aangesproken op mijn gedrag. Ik stond netjes te wachten voor het rode licht (op zich al opvallend gedrag) en gelukkig was ik niet de enige. Sterker nog: er stond een behoorlijke groep te wachten op het groene licht. Aan de overkant van de weg vormde zich ook al een groepje wachtende fietsers. Waarop ze precies stonden te wachten, was mij niet helemaal duidelijk, maar in ieder geval niet op het groene licht. Dat kan namelijk niet, want er hing aan die kant van het kruispunt geen verkeerslicht. Echter toen wij gingen fietsen nadat het licht op groen was gesprongen, zette ook de groep aan de overkant zich in beweging. Ongeveer halverwege de weg leidde dat tot problemen. Ik reed een beetje aan de linkerkant en kwam bijna in botsing met een tegemoetkomende fietser. In plaats van excuses kreeg ik de wind van voren. Toen ik haar erop wees dat zij aan de verkeerde kant van de weg fietste, ontkende ze dat: “nee, hoor ik rij aan de goede kant van de weg”. Ze bedoelde waarschijnlijk dat ik links van mijn weghelft reed en zij uiterst rechts, maar dat betekent niet dat je aan de goede kant van de weg fietst. Ik dacht bij mezelf: het moet toch niet gekker worden…
Uiteraard hoop ik van harte dat de actie tot een socialer verkeersbeeld zal leiden, maar helaas heb ik hier een hard hoofd in. Sommige mensen schijnen te vergeten dat het verkeer een gevaarlijke aangelegenheid is, waarbij helaas nog steeds regelmatig dodelijke ongevallen plaatsvinden. De regels die we met elkaar hebben afgesproken, zijn er niet voor niets. Maar als we deze regels (massaal) met voeten treden, dan hebben ze geen zin meer.
Heino Vergouwen
___________________________________________________________________
_________________________________________________________________
Bij mijn vertrek
Enige tijd geleden heb ik het besluit genomen om in Frankrijk te gaan wonen. Daarmee komt er nu onder meer een einde aan mijn activiteiten voor de Fietsersbond. Ik ben ongeveer zes jaar in de weer geweest voor de belangen van de fietser. Ik heb het met ontzettend veel plezier gedaan en ik heb er veel tijd in gestoken. Ik was van mening dat dit nodig was, wilde je iets bereiken. En natuurlijk wilde ik dit. De fietser in Breda stond duidelijk op achterstand. De meerderheid van de gemeenteraad wist onvoldoende van wat er speelde en wat er nodig was in fietsersland of was domweg niet geïnteresseerd. Illustratief in dit verband waren de herhaalde uitspraken van de verkeerswoordvoerder van de VVD in de jaren 2004-2006: “Er gebeurt al genoeg voor de fietser”. De instelling van het stallingsverbod in de binnenstad in 2007 is er ook een frappant voorbeeld van. Gelukkig haalde het gemeentebestuur uiteindelijk bakzeil.
Gaandeweg werd een positievere instelling bij de gemeentelijke overheid zichtbaar. Vervolgens werden in een rap tempo enkele nieuwe fietsenstallingen gerealiseerd. Veel fietspaden werden geasfalteerd. Natuurlijk is niet alles gerealiseerd wat we graag hadden gewild. Zoals de eerstejaarsstudenten van het hbo meer bewust maken van de risico’s van diefstal en heling van fietsen en het bevorderen van initiatieven in de private sector ten behoeve van de fietser. Dit zal ongetwijfeld nog wel werkelijkheid worden. Maar op dit moment heeft het verzet tegen de trap in het fietspad naar de stationstunnel onze absolute prioriteit.
Breda is een dynamische en boeiende stad, ook op fietsgebied. Men moet steeds weer alert zijn of de fietser wel de aandacht krijgt die hij nodig heeft. Door zijn “gewoonheid” zien de stedenbouwkundige en de vormgever van de openbare ruimte hem geregeld over het hoofd.
Ik ben er trots op dat ik een bijdrage heb mogen leveren aan de totstandkoming van de verschillende zaken. Ik heb die bijdrage alleen kunnen leveren met steun van velen, op de eerste plaats van de andere actieve leden. Want je doet het nooit alleen; ik kan dit niet genoeg onderstrepen.
Ik ben blij en dankbaar dat het een gezonde afdeling is die ik verlaat. We hebben nog nooit zoveel actieve leden gehad. Ik wens hen veel succes!
Henk Hilhorst
__________________________________________________________________
Fietsen in de bergen
Het sneeuwt. Ik zit in Oostenrijk en de deadline voor De Tuub is vandaag (15 maart). Mijn hoofd zit meer bij het skiën dan bij fietsen. Mijn vouwfietsje staat gevouwen onder het afdak van de voortent en zal daar wel blijven staan tot de zomer. Met dit fietsje maak ik geen grote tochten hier, daar zijn de hellingen toch net wat te steil voor. Ik fiets er snel mee naar het dorp voor een boodschapje en daar houdt het dan mee op.
Voor het echte bergwerk heb ik mijn Koga Myata. En het hier zitten doet me denken aan een van onze fietstochtjes hier en nog een paar andere in Frankrijk. Henk, onze hoofdredacteur, die ons na dit nummer gaat verlaten, ziet het fietsen in Frankrijk daar in de bergen niet zo zitten. Maar wie weet wat hij nog gaat schrijven over fietsen in de bergen.
Maar goed, nu over dat ene fietstochtje hier dat voerde van Kitzbühel naar Aschau. Er gaat daar een soort van fietspad heen en dat is altijd leuker dan gewoon over de weg fietsen. Aschau ligt hoger dan Kitzbühel, dus we moesten flink trappen en erg snel ging het niet. Na bijna een uur fietsen klapte mijn achterband. Gelukkig, denk je, we hebben plakspullen bij de hand. Mijn man ging aan de gang, want ik ben niet zo handig. Terwijl hij mijn band repareerde, at ik een yoghurtje (de inwendige mens wil immers ook wat!). Ineens slaakt hij een kreet: “Verdikkeme!” “Wat is er aan de hand, wil het niet lukken?”, vraag ik onnozel. Wat blijkt: de buitenband is op de plaats van het lek vlakbij het ventiel,ook kapot. En zo kapot, dat als ik met de geplakte binnenband ga rijden, ik zo weer een lekke band zal hebben. Goede raad is duur. Geen huis in de buurt om daar om hulp te kunnen vragen. Mijn man is echter niet voor een kleinigheid te vangen en de raad is niet duur! “Geef me dat yoghurtbekertje eens”, zegt hij. Ik ben verbaasd, wat moet hij daar nu mee. Hij snijdt er een stuk uit en frommelt het in vorm tussen de binnen- en de buitenband over het geplakte lek heen. En nu maar hopen dat het houdt! Wij gaan niet verder door naar Aschau, maar rijden via de weg snel terug naar Kirchberg. Over de afstand, waar we bergop bijna een uur gereden hebben, doen we nu ruim een kwartier. De geplakte band houdt, maar in Kirchberg zoeken we snel de fietsenmaker op voor een echt herstel van de band.
De snelheid waarmee we de berg afgingen, deed me denken aan een rit in Frankrijk in de buurt van Die. Daar gingen we met een vaart van resp. 69 (manlief) en 57 km (ik) de helling af. Ik had er toch niet aan moeten denken, dat mijn fietsband daar geklapt was!
Waar ik nu benieuwd naar ben, is of er onder onze lezers mensen zijn, die ook van die mooie noodoplossingen bedenken, als er iets onderweg aan hun fiets kapot gaat. Laat maar eens horen! Wij steken er altijd wat van op.
Dit stuk is klaar en het sneeuwt nog steeds, niet fietsen morgen, maar skiën of langlaufen dus!
Laurin Heemskerk-Stevens
De peinsfiets...
Moeten we ons eigenlijk wel zo druk maken over fietsenvoorzieningen? Wat is fietsen nou helemaal? Hartstikke simpel, toch?
Als u de laatste vraag met “ja” durft te beantwoorden, weet u zich waarschijnlijk niets meer te herinneren van uw eerste slingerende fietsmeters, wilt u misschien niet meer herinnerd worden aan die hijgende meters achter uw kinderen aan die moesten leren fietsen en realiseert u zich al evenmin dat nog maar weinig ouderen zich op de fiets in het verkeer wagen. Om te zien wat fietsen inhoudt, zou u eens een fietsklas buitenlanders moeten gadeslaan.
Wij, Nederlanders, worden als het ware op de fiets geboren en we weten daardoor eigenlijk niet wat fietsen inhoudt; we staan er gewoon niet bij stil. Nou hoeft dat natuurlijk ook helemaal niet, maar onze bestuurders en beleidmakers zijn vaak ook van die op de fiets geboren Nederlanders. Dan wordt het toch een ander verhaal, nietwaar?
Daarom wil ik toch eens op een rijtje zetten wat het fietsen allemaal behelst. Het begint met opstappen en afzetten, of andersom. Vrouwen hanteren vaak de volgorde van eerst afzetten en dan pas opstappen. Hoe het ook zij, iedereen moet vervolgens zijn balans zoeken en snelheid maken. En hij moet sturen, trappen, uitkijken, remmen, obstakels ontwijken en steeds in evenwicht blijven, ook bij onverwachte windvlagen. Na het remmen moet hij weer harder trappen om snelheid te winnen. Ten slotte moet men afremmen, tot stilstand komen en afstappen. En dan vanzelfsprekend niet omvallen.
Laat dit rijtje handelingen en activiteiten rustig op u inwerken en bedenk dat veel handelingen zeer kort na elkaar of zelfs tegelijkertijd en onverwacht verricht moeten worden.
Nu wordt waarschijnlijk meteen duidelijk waarom men er nog steeds niet in geslaagd is een fietsende robot te ontwikkelen, niet in de USA, noch in Japan en ook niet op onze eigen technische universiteiten.
Daarom, wethouder, raadslid, (beleids)ambtenaar, is het nodig een substantieel en consistent fietsbeleid (uit) te voeren. Daarom ook is het noodzakelijk een sterke en actieve fietsersbond te hebben.
Want fietsen simpel? Vergeet het maar!
Henk Hilhorst
___________________________________________________________________
De Tuub
periodiek van de afdeling Breda
van de Fietsersbond
mei 2010
Inhoudsopgave
De peinsfiets *
Fiets in de bergen *
Apeldoorn beproeft systeem om brommers te weren uit tunnel
De trap
Heel Nederland fietst
De gewone fietser
Bij mijn vertrek *
Ongelukken door de gladheid
Nieuwe voorzitter stelt zich voor…
Asociaal *
Fietsmiep
Redactielid stelt zich voor… *
__________________________
Ter Introductie
De Tuub is het huisorgaan van de afdeling Breda van de Fietsersbond.Hiermee trachten we de leden te informeren met name aangaande lokale ontwikkelingen.
______________________________________________________
Wilt u contact met de redactie:
_______________________________________________________
Onderstaand treft u de inhoudsopgave en een selectie uit de editie van mei 2010 aan. Heeft een item uit de inhoudsopgave uw belangstelling, stuur dan een e-mail naar de redactie. Vermeld daarin het gewenste item, alsmede de maand waarop de editie is verschenen.Wij zorgen er dan voor dat u dit per e-mail toegestuurd krijgt.
______________________________________________________